De woestijnkat, wetenschappelijk bekend als Felis margarita, vindt zijn oorsprong in de uitgestrekte, zanderige en steenachtige woestijnen van Noord-Afrika, het Arabisch schiereiland en delen van Centraal-Azië. In tegenstelling tot de meeste katachtigen die afhankelijk zijn van vaste waterbronnen, is dit een echte overlevingskunstenaar in extreem droge gebieden. Ze bewonen zowel zandduinen als rotsachtige vlaktes met schaarse vegetatie. Het zijn strikt nachtactieve dieren die de verzengende hitte van de dag vermijden door diep in zelfgegraven of overgenomen burchten van vossen of knaagdieren te rusten. Ze voeden zich met een gevarieerd dieet van kleine woestijnknaagdieren, hagedissen, vogels en zelfs giftige adders, waarbij ze vrijwel al hun vocht uit hun prooi halen.
Wat betreft de herkenbaarheid is de woestijnkat een kleine, compacte kat met een brede kop en een lengte van ongeveer 40 tot 50 centimeter. De vacht is zandgeel tot bleekgrijs, wat een perfecte camouflage biedt tegen de woestijnbodem. Het meest opvallende kenmerk zijn de zeer grote, laag geplaatste oren die hen niet alleen helpen bij het lokaliseren van prooi onder het zand, maar ook dienen om overtollige lichaamshitte af te voeren. Een zeer specifiek kenmerk is de dichte laag lang haar tussen de teenkussentjes, die fungeert als een soort 'sneeuwschoen' om te voorkomen dat de kat in het losse zand wegzakt of zijn poten brandt aan het hete oppervlak. De staart is relatief lang met een zwarte punt en twee of drie donkere ringen aan het uiteinde.
In vergelijking met de Afrikaanse wilde kat (Felis lybica) is de woestijnkat een stuk kleiner, heeft hij veel kortere poten en een bredere, plattere schedel. Het verschil met de moeraskat is direct zichtbaar aan het formaat en de habitatkeuze; de woestijnkat is volledig aangepast aan aride omstandigheden en heeft een veel dikkere, isolerende vacht. Waar de meeste katten hun nagels gebruiken om in bomen te klimmen, gebruikt de woestijnkat zijn krachtige klauwen vooral om te graven in het zand. Vergeleken met de huiskat hebben ze een veel dikkere huid en een uitzonderlijk goed gehoor, wat essentieel is in de uitgestrekte leegte van de Sahara of de Arabische woestijn.
De huidige status van de woestijnkat wordt door de IUCN geclassificeerd als 'Niet Bedreigd' (Least Concern), hoewel de populaties in bepaalde regio's sterk versnipperd zijn. De grootste bedreigingen vormen de degradatie van hun leefgebied door menselijke activiteiten, de introductie van honden en katten die ziektes kunnen overbrengen, en de achteruitgang van prooidierpopulaties door klimaatverandering. Omdat ze zo teruggetrokken en ’s nachts leven, is het lastig om exacte populatieaantallen vast te stellen. Vanwege hun unieke uiterlijk en hun status als de enige kat die echt in de zandwoestijn kan overleven, zijn ze een geliefd onderwerp voor natuurdocumentaires over extreme ecosystemen.
Deze soort heb ik het laatst in Zoo Berlin gezien en gefotografeerd op 19-03-2026.
Deze soort is ook bekend onder de naam(en) Zandkat
Deze soort heb ik gezien in Zoo Berlin